Spring naar inhoud

2

Wat moet je koken als je in Italië woont? Om daarachter te komen, wil je natuurlijk eerst even weten wat ze allemaal hebben in de supermarkt. Dus vol goede moed ga je op weg en daar sta je dan. Vergeet alle oude recepten die je altijd maakte, vergeet de Allerhande en vergeet je veganistische aspiraties: hier in de supermarkt verkopen ze voornamelijk pasta en vlees. (En nog heel veel andere handige dingen zoals staafmixers, dagcrème, tafellakens, speelgoed, boeken, stofzuigers en alles wat je in Nederland bij de Kruidvat of Blokker zou willen kopen.)

Dat pasta en vlees zo belangrijk zijn hier, blijkt ook wel uit de Italiaanse les die we gisteren kregen over eten kopen en bestellen. Het begon ermee dat we alle verschillende soorten pasta gingen noemen die iedereen kende: ravioli, spaghetti, tortellini, lasagne, penne, farfalle, pappardelle, orecchiette, tagliatelle enz. En voor iedereen die niet precies wist hoe tortellini gemaakt worden, heeft Carmen een vierkant papiertje zo om een pennendop als vulling gevouwen, dat iedereen het meteen begreep.

Daarna allerlei bereidingswijzen: alla carbonara, al pesto, burro e salvia, allo scoglio (met zeevruchten), aglio olio, gnocchi alla romana (plakjes gnocchi met Parmigiano uit de oven). Dat laatste is volgens Carmen ontzettend lekker en ook heel makkelijk te maken. Het was inmiddels 17:30 en wij begonnen al een beetje honger te krijgen.

Maar toen het volgende onderdeel: vlees en vis. Dit koop je als echte Italiaan natuurlijk niet bij een supermarkt, maar bij negozi (winkels, speciaalzaken). Voor vlees heb je er al 2 verschillende: de salumeria voor worst, ham en andere vleeswaren; de macelleria voor rundvlees, varkensvlees en paardenvlees dat je als diner kan serveren. En dan is er nog de pescheria voor vis. Vol enthousiasme en met behulp van de plaatjesafdeling van Google ging Carmen al haar lievelingssoorten vlees en vis intypen, aan ons laten zien en er reclame voor maken. Ik ben al niet zo’n fan, maar toen ze bij de plakken doorgezaagde zwaardvis aankwam kon ik niet meer verbergen dat ik het niks vond. “You don’t like it? It tastes really good!”, zei ze. Ik knikte en glimlachte maar een beetje mee, want ze was er zo enthousiast over 😛

Als ik dit zo schrijf, klinkt het een beetje alsof het godsonmogelijk is om hier een lekkere en gezonde vegetarische maaltijd op tafel te zetten. Maar eigenlijk valt dat best mee. Je moet alleen wel goed kijken wat ze wel en niet hebben. Het is zelfs 1x gelukt om veganistisch te koken met een van mijn favoriete recepten van de Groene Meisjes: polenta met balsamicotomaatjes. Dat recept is echt een aanrader, omdat het heel makkelijk te maken is en je hele huis heerlijk ruikt als je het hebt gemaakt. Polenta is in Italië overal te krijgen, maar in Nederland kocht ik het altijd bij de Turkse/Marokkaanse supermarkt of een speciaalzaak met Italiaanse producten. Misschien hebben ze het ook wel bij de AH, maar dat heb ik nooit gecheckt. Edelgistvlokken heb je echt niet nodig bij dit gerecht en ongezoete sojamelk kun je bij elke supermarkt kopen. Wat je overhoudt aan sojamelk kan in je thee/koffie in plaats van melk of je kunt er ontbijt met muesli mee maken. Of nog een keer polenta maken natuurlijk!

P.S. Weetje van de dag: waarom heet de bekendste Italiaanse koffie espresso? Espresso betekent letterlijk: op het moment zelf. Dus gemaakt op het moment dat je het bestelt en niet uit een pot geschonken die er al 3 uur staat. Wow!

(Bedankt voor de tip om over eten te bloggen, Susan!)

Manja

3

We kwamen in het donker aan op treinstation Porta Nuova in Verona. We waren die middag gevlogen op Venetië, omdat er in de winter geen rechtstreekse vluchten vanaf Schiphol naar Verona gaan. Vanaf het treinstation pakten we de bus naar onze wijk, Borgo Roma. Gelukkig was Christo met opa Joop al in het appartement geweest, dus hij wist waar we uit moesten stappen. We liepen 1 straat verder en daar was het huis. Ons huis. Waar we nu wonen. We ploften neer op de bank en probeerden dat tot ons door te laten dringen. Lukte niet.

Het is grappig om te merken hoe klein je wereld is als je op een nieuwe plek komt wonen en hoe die steeds wat groter wordt. Eerst alleen het appartement, dan wordt de weg naar de supermarkt vertrouwd, dan het winkelcentrum verderop. Toen hebben we fietsen gekocht en ging het sneller: de weg naar het centrum van Verona, naar de taalcursus en de universiteit. Ik ben deze week ook met mijn moeder en oma met de trein naar Padua geweest om de Scrovegni kapel te bekijken, dus dan worden de omgeving en de tussenliggende stadjes ook wat bekender.

Het wordt ons wel makkelijk gemaakt om ons hier thuis te voelen, want we hebben de afgelopen twee weken eigenlijk continu zonnig en warm weer gehad. Schrijf ik dit om jullie jaloers te maken? Ja, natuurlijk! Maar wees gerust, vandaag is het bewolkt en mistig. Maar normaalgesproken kun je vanuit ons raam de bergen zien met sneeuw op de toppen. Die zie je ook vaak als je ergens fietst spontaan opduiken. Dan ben ik nog wel zo’n toerist dat ik even stop om te kijken.

Ik vind het ook heel leuk dat we in het huis heel hartelijk zijn ontvangen door 2 van onze buurgezinnen. Op een avond om 18:00 (wij waren natuurlijk als echte Nederlanders al aan het koken) werd er aangebeld. Het waren de buren met hun kinderen om te vragen of we wat kwamen drinken. Ja, daar zeg je natuurlijk geen nee op. De kinderen fungeren als tolk, want zij hebben Engels op school en vinden het superleuk om te oefenen. We worden overladen met glaasjes prosecco en zelfgebakken hapjes en pizza en we mogen ook blijven eten: heerlijke pasta aglio olio (met knoflook en olijfolie). We praten over wat iedereen doet en welke hobby’s iedereen heeft. De twee kleinere meisjes (ik schat dat ze 12 zijn) zitten samen op acrogym en Martina, die 16 is, doet atletiek. Michele, de ene vader, is superfan van Hellas Verona, de lokale voetbalclub. Hij noemt zichzelf hooligan, maar hij is zo aardig dat we niet zeker weten wat hij daarmee bedoelt 😉 Lorenzo, de andere vader, heeft een aantal jaar in Frankrijk gewoond en daar is hij heel trots op. We praten een beetje Frans, maar Engels is toch makkelijker. Hij werkt bij de hotelschool en legt ons alles uit over de verschillende lokale Valpolicella wijnen. Gouden tip: als je een Valpolicella koopt of bestelt, neem dan een superiore. Het is niet veel duurder en wel veel lekkerder. Gaan we doen!

Ik vind het nog wel raar om te bedenken dat ‘thuis’ nu hier is en dat Leiden niet op fietsafstand hiervandaan is. Maar het appartement is inmiddels helemaal vertrouwd en we hebben het gewoon heel fijn hier tot nu toe. Het hielp ook mee natuurlijk dat oma en mama al meteen op bezoek waren, dan voelt het meteen veel meer thuis. Oe, de zon gaat schijnen, daag!!

Manja