Spring naar inhoud

Vanuit Lorsch vertrekken we naar de Rijn en volgen die in de richting van Mainz. Onderweg zijn we een aantal keer gewaarschuwd dat het allemaal heel erg overstroomd is, maar het lijkt nu mee te vallen en alweer een beetje weggetrokken te zijn. Soms moeten we een stukje over overstroomde fietspaden trappen, dat gaat prima op blote voeten en gelukkig zijn onze Ortlieb tassen volledig waterdicht! Gelukkig staat het meestal heel duidelijk aangegeven als een pad onbegaanbaar is. Het is dan ook vooral belangrijk dat je dan gewoon luistert naar wat de borden zeggen en niet denkt dat je het beter weet of geen zin hebt om een omweg te nemen, anders zit je letterlijk tot je kuiten in het water te fietsen (heb ik al gezegd dat onze Ortlieb tassen waterdicht zijn?) ;).

We komen al verrassend snel aan in Mainz en besluiten nog een stukje door te trappen. Onderweg komen we nog twee mensen tegen die vanuit Strasbourg hiernaartoe zijn gefietst op een eenwieler, inclusief bepakking! In vergelijking is de tandem toch wel een extreme luxe! Uiteindelijk komen we na 100km uit in Bingen, een prachtig (toeristisch) stadje aan de Rijn waar we vanuit onze kamer uitzicht hebben op prachtige wijnvelden, de Rijn en een standbeeld ter ere van de Duitse eenwording (en het spoor...). We besluiten wat te gaan eten aan de Rijn en we zien de zon ondergaan onder het genot van een heerlijke rood wijntje.

De volgende ochtend voelen onze benen toch nog wel zwaar en we besluiten niet al te ver te fietsen. We fietsen langs allerlei kastelen en de Lorelei naar Koblenz waar we uiteindelijk besluiten om de trein naar huis te nemen. Het laatste stuk hebben we al wel eens eerder gefietst en we zijn na 1100km ook wel een beetje klaar met de zadelpijn en alle corona-regels die per regio verschillen. Nu zijn we weer lekker thuis en kijken we terug op een vermoeiende maar mooie reis! Volgende keer van Rome naar Verona?

Na een dagje rust en alle was weer gedaan te hebben, vertrekken we weer vanuit Ellwangen. De rustdag lijkt nog niet echt veel goed gedaan te hebben want onze benen voelen toch nog wat zwaar, gelukkig is de volgende camping niet al te ver (~60km). We komen aan in het mooie dorpje Künzelsau en nadat we de tent op hadden gezet, kwamen we mensen tegen die we op de vorige camping ook al zagen. Ze zijn van Nederland naar München gefietst en fietsen nu weer terug, hij op de gewone fiets en zij op de elektrische, ook een goed idee, maar doe ons toch maar de tandem. Künzelsau is een schattig dorpje en naast de camping is een groot terras wat constant gezelligs druk is en we besluiten om daar lekker makkelijk een Flammkuchen te eten.

Na een goede nachtrust gaan we verder en volgen we de Neckar in de richting van Heidelberg. We fietsen over mooie geasfalteerde fietspaden en zien veel kastelen. De benen zijn ondertussen weer helemaal fit en we trappen er flink op los.

Uiteindelijk komen we terecht op een van de vele campings aan de Neckar, met dezelfde mensen als ervoor! De dag erna vertrekken we en na een ochtendje flink doortrappen, komen we een Aldi tegen, gooien onze boodschappentas achterop helemaal vol met broodjes, pizzabroodjes en croissantjes en vertrekken richting het kasteel van Heidelberg.

Uiteindelijk besluiten we om in een Hotel in Lorsch te gaan, ten eerste omdat het zou gaan onweren en ten tweede om weer even een beetje goed bij te slapen in een echt bed! Na een pizza bij een Doner-tent gehaald te hebben, eten we deze op in een parkje van een oud klooster Lorsch. Het onweer in de nacht viel uiteindelijk reuze mee, maar we hebben wel lekker geslapen!

2

Het is duidelijk dat we de heuvels nog niet helemaal uit zijn, we gaan de hele dag een beetje heen en weer tussen de 400m en 600m hoogte en er zitten af en toe toch flinke stukjes steiging bij. Ergens zat er in mijn hoofd dat we na Augsburg goede kilometers zouden maken omdat de Alpen daar echt wel zijn afgelopen, ik had niet helemaal rekening gehouden met de 'Schwäbische Alb', waar we dwars doorheen gaan. De natuur is hier wel echt prachtig en af en toe komen we imposante kastelen en kloosters tegen, zoals in het dorpje Neresheim waar we gistermiddag echte Napolitaanse pasta hebben gegeten.

Eenmaal aangekomen op een superchille camping in Ellwangen besluiten we dan ook nog een rustdag te nemen om onze vermoeide benen even de tijd te gunnen om bij te komen.

Manja maakt lekkere thee

We vertrokken in de stromende regen vanuit Roßhaupten en alles was al na 5 minuten compleet doorweekt, maar ik wist dat het goede weer ons tegemoet zou moeten komen, dus we trapten dapper door. We moesten stilletjes afscheid nemen van de alpen, want alles was in een dikke mist gehuld. Het weer leek echter ook niet beter te worden en zelfs een paar steile heuvels kregen ons uiteindelijk ook niet echt meer warm, volgens Manja kon ze zelfs een meer vullen met al het water wat in haar schoenen zat (ik denk dat ze het figuurlijk bedoelde). Rond twee uur, in de buurt van Epfach hoorden we ergens een fanfare-band, en waar fanfare is, daar zou toch ook warmte, gezelligheid en feestbier moeten zijn! Dat bleek gelukkig en er was nog precies 1 tafeltje vrij voor twee verzopen fietsers tussen gezinnen en vriendengroepen die zich in hun beste lederhose of dirndl hadden gehesen. Onder luide Beierse fanfare muziek, met een glas 'Festbier' en een flink bord 'Pilzenrahmsauce mit Knödel' und 'Wienerschnitzel' kregen we het uiteindelijk wel weer warm. Na zoveel vreugde en gezelligheid, kon het weer ook niet achterblijven, het werd droog en uiteindelijk ging de zon zelfs schijnen toen we in Königsberg aankwamen.

Reitsma pakt toch wel mooie wegen, dit is een oude spoorweg, dwars door de bossen en niet zoveel steiging

Na een goede nachtrust zonder regen, waren we vroeg klaar en gingen we verder over de 'Via Claudia Augusta' naar Augsburg. Daar was het toch wel weer even wennen om in een 'grote' stad te zijn na een week lang in de alpen en kleine bergdorpjes. Daarna gingen we echter weer over heuvels en dalen, door bossen en graanvelden in de richting van Koblenz. Het is hier ook echt mooi, maar na een week door de Alpen zijn we toch wel een beetje verwend denk ik.

Lekker lunchen met de Lidl

Uiteindelijk zijn we uitgekomen bij een camping in Dillingen an der Donau, ondertussen hebben we zo'n 620km weggefietst en we moeten nog ongeveer 800km. We liggen dus keurig op schema, terwijl de Alpen juist het zwaarste stuk zijn. We zijn duidelijk niet de enige meer op fietsvakantie, het kampeerveldje hier staat nu bomvol fietsers en vooral heel veel Nederlanders, gelukkig fietsen de meeste mensen naar Rome :p.

Na een heerlijk ontbijtje in Garni Bergheim, begonnen we aan de afdaling van Resia in de richting van de volgende pas, de Fernpass. Daarbij gingen we ook over de grens van Italië naar Oostenrijk, beetje teleurstellend was het wel dat ze ons helemaal niet vroegen om onze coronatesten....

Afdaling vanaf de Reschenpas

Het weer was niet echt fantastisch, af en toe wat flinke buien en het zicht was minder, maar het was gelukkig ook erg mooi om op de fiets tussen de bergen af te dalen.

Soms zat er toch nog wel even een flink heuveltje tussen

We wilden graag Nassereith halen, omdat we vanaf daar de volgende ochtend meteen met frisse benen de de Fernpass over zouden kunnen. Na de hele dag in de regen te hebben gefietst, besloten we dat we nog wel een nachtje luxe hadden verdiend en gelukkig was er nog een klein kamertje vrij (voor een gereduceerde prijs uiteraard) in hotel Seeblick in Nassereith. Dat beviel zo goed, dat we besloten dat we toch echt nog wel een rustdagje nodig hadden, daarbij hadden ze ons hier totaal niet om onze negatieve coronatesten gevraagd. Dat was op zich prettig, want die waren ondertussen niet meer geldig en we dachten in Duitsland geen testen nodig te hebben, maar onderweg hadden we gehoord van andere fietsvakantiegangers dat in Beieren de regels anders zijn en dat ze nogal streng controleren op negatieve testen van niet ouder dan 24uur. Een dagje rustig nadenken kan dan natuurlijk nooit kwaad, dus hebben we heerlijk een boekje kunnen lezen aan het meertje van Nassereith.

Boekje lezen (en veel eten) aan het meertje waar onze kamer ook zicht op had vanuit hotel 'Seeblick'

De volgende dag was het dan echt zover, we moesten de Fernpass over. Met de oude tandem was dit echt een zware tocht met weinig fietsen en veel duwen. Dit bleek met de nieuwe tandem toch wel iets makkelijker en ruim twee uur later, over kronkelende paadjes, onder middeleeuwse kasteelpoorten en langs echte Romeinse karrensporen (je fietst de 'via Claudia Augusta' niet voor niets) stonden we bovenaan de Fernpass. We waren toch wel trots dat we dit zo 'makkelijk' gered hadden met onze tandem en volle bepakking.

Daarna volgde afdaling richting Füssen, dit duurde nogal lang vanwege de mindere paden en constante regen die de paden er ook niet beter op maakten. Na Füssen ging het echter allemaal weer een stuk sneller en nadat we nog even snel een paar zelftesten ingeslagen hadden, zijn we helemaal verzopen aangekomen in Roßhaupten waar we deze uiteindelijk totaal niet hoefden te gebruiken... Morgen zou het weer gelukkig iets beter moeten worden!

Het meertje bij Bieberwier

Vandaag gingen we na een coronatest bij de apotheek op pad naar Resia. De test was gelukkig negatief, maar het begon wel meteen te regenen, dus we besloten om maar een tweede ontbijtje bij een bakkertje naar binnen te werken.

Second breakfast, Apfelstrüdel

Het weer in de bergen is gelukkig wisselvallig, dus even later regende het al wat minder en de zon scheen zelfs af en toe. In een toeristisch dorpje Glorenza, waar een prachtige middeleeuwse muur omheen staat, besloten we te lunchen, het eten was biologisch en vegetarisch en we kregen zelfgemaakte pasta. Daarna begon de echte klim naar Resia en die was niet mis, maar werd pas echt een beetje een domper toen het fietspad afgesloten was en we om moesten fietsen.

De omweg, met harde regen en veel tegenwind was wat minder. Je ziet wel de besneeuwde bergen op de achtergrond

Toch gingen we door en uiteindelijk kwamen we dan bij het meer van Resia waar de zon gelukkig weer even scheen, zodat we een beetje konden opdrogen en opwarmen. Verder hebben we ook nog even een heel brood weg gewerkt (second lunch). Het is bizar hoeveel eten je lichaam vraagt op zo'n dag...

Het kleinere meertje bij Resia

Na deze pauze zijn we doorgefietst naar Resia en hebben we een kamer in de Garni waar we een aantal jaar geleden ook waren. Na een heerlijke warme douche zijn we lekker gaan eten, om het vervolgens te laten zakken met een avondwandelingetje naar de bron van de Adige, ook wel de 'Etschquelle' of 'Sorgente dell'Adige'.

De bron van de Adge

3

Gisteren scheen de zon nog volop, dus na een frisse duik en een licht ontbijtje gingen we op weg naar Bolzano, ik dacht dat het een klein stukje was, hemelsbreed was dat ook zo, maar de heuvels die ertussen zaten waren toch wel even aanpoten. Gelukkig ging dat prima en na een klim naar 400m konden we via een oude spoorlijn afdalen langs Bolzano in de richting van Merano waar het uiteindelijk 34 graden bleek te zijn, tijd voor een ijsje dus.

bananensplit in Merano

Merano is echt een prachtig stadje midden tussen de bergen met een mooie rivier dwars door de stad. En omdat Merano in de regio Alto Adige ligt, een van de rijkste regios van Italië, ziet alles er spik en span uit en waan je je af en toe in een sprookje van de Efteling.

De weg vlak voor de klim, toen kon ik nog een foto maken...

In Merano beginnen de Alpen dan ook echt en we wisten van de vorige keer, toen we met de oude tandem van Augsburg naar Verona gingen, dat we even na Merano een steile klim voor de boeg hadden. We waren hier toch wel bang voor, maar omdat het 's ochtends zo goed ging, wilden we het wel proberen. Het was bloedheet en we werden links en rechts ingehaald door mensen op elektrische fietsen of een enkele wielrenner, maar in ons laagste verzet lukte het prima om onszelf, de tandem en de bepakking omhoog te trappen.

Na ruim 300m steiging, lijkt het allemaal toch wat minder hoog dan het voelt 😉 In de verte zie je Merano, we kwamen uit het dal daar rechts
Even het water weer aanvullen

Na een korte pauze en het aanvullen van al het water, besluiten we om nog even door te fietsen naar Schlanders. Daar is een apotheek waar we een antigeen sneltest kunnen laten doen voor we de grens overgaan naar Oostenrijk. Vanaf hier is het nog 50km en 800m steiging naar de grensovergang bij Lago di Resia (het meer met de kerktoren). Aangezien de test beperkt geldig is, hebben we niet al teveel tijd om door Oostenrijk heen te fietsen naar Duitsland, we besluiten om een rustdag te nemen, zodat we straks hopelijk in drie dagen twee passen en 200km kunnen wegtrappen. Voor nu doen we lekker rustig aan, is het weer inmiddels een stuk koeler en zitten we droog in ons tentje!

4

Het is zondag, alles is dicht, dat betekent ongeneerd bunkeren bij alle restaurantjes die je kunt vinden! Het grote voordeel van fietsvakantie, is dat je zelfs bij terugkomst niet op dieet hoeft. Het begon met frühstück op de camping, want hoewel we nog steeds in Italië zijn, komt de Duitse taalgrens bij Salorno/Salurn steeds dichter bij.

Manja was er na een cappuccino en twee kopjes thee weer helemaal klaar voor

Gelukkig spreken ze na de taalgrens ook nog een beetje Italiaans, want als ik Duitse woorden probeer te maken, wordt het toch vaak een mengelmoesje van Nederlands, Engels, Italiaans en Duits, op de een of andere manier gaat mijn brein bij Duits op slot en haalt dan ineens alles door elkaar.

Het eten is na deze taalgrens dan ook een soort mengelmoes van de Oostenrijkse en Italiaanse keuken, wat meestal wel goed uitpakt!

Een lekker lunch met spaghetti al ragù en een pasta pesto met gerookte kaas

Na onze lange dag van gisteren, besloten we vandaag iets rustiger aan te doen en hadden we een camping op het oog bij de Kalterer See/Lago di Caldaro. Onderweg kwamen we steeds meer jonge fietsvakantiegangers tegen en we werden regelmatig begroet met Servus, een teken dat er steeds meer Oostenrijkers richting het Gardameer fietsten. Dat is misschien ook niet zo raar, want de regels in Italië zijn een stuk soepeler dan in Oostenrijk voor iedereen die (nog) niet volledig gevaccineerd is. Bij aankomst in Italië moet je een online formulier invullen en een negatieve test overleggen, buiten het feit dat die bij ons totaal niet gecontroleerd zijn, ben je daarna redelijk vrij om te doen en laten wat je wilt (met mondkapje). In Oostenrijk moet je een recente negatieve test laten zien bij elke overnachting of als je naar een restaurant gaat, dat is toch wel zuur als je nog niet volledig gevaccineerd bent. Gelukkig is testen daar bijna overal gratis, ook voor toeristen! De camping bij de Kalterer See bleek een goede keus en om 15:00 lagen wij heerlijk te spartelen in dit prachtige meertje.

De Kalterer See

Ik wilde al jaren een keer naar Rome fietsen, maar dat vergt natuurlijk wat planning. Vorig jaar waren we er helemaal klaar voor, maar de wereld duidelijk nog niet. Na een jaar huilen, ben ik er eindelijk overheen dat we de reis in delen opsplitsen. We beginnen in Verona en fietsen terug naar Nederland via de Claudia Augusta over de alpen naar Augsburg waarna we Reitsma's Rome route volgen naar Nederland. Een andere keer (vooral niet in Juli of Augustus) fietsen we dan van Rome via Toscane naar Verona.

Onze tandem is ondertussen al aangekomen in Verona met Care4Luggage (zeker aan te raden voor als je nog is een keer wat spullen/fietsen moet laten vervoeren) en nu wij nog. We hebben de nachttrein in Utrecht gepakt en stappen dan de volgende ochtend uit in Innsbruck, daar stappen we over op de trein naar Verona.

De nachttrein is voor mij een fantastische nieuwe ervaring en voor Manja een feest van herbeleving. Na een broodje groenteschnitzel en wat worteltjes hebben we ons bedje klaar gemaakt en zijn we lekker gaan slapen. Of nouja, beetje wegdutten afgewisseld met naar buiten kijken. Vliegen gaat misschien een stuk sneller (en is helaas een stuk goedkoper), maar met de (nacht)trein is de reis een deel van je vakantie!

Wandelen door uitgestrekte natuurgebieden, flaneren langs de oevers van het Gardameer en wijn proeven in de Valpolicella: in Veneto kan het allemaal. De regio is het meest bekend vanwege de hoofdstad Venetië, maar je kunt er ook andere prachtige steden bezoeken zoals Verona en Padova. Zelfs skiën behoort tot de mogelijkheden in de Dolomieten rondom Belluno. De 10 mooiste plekken van ‘mijn’ regio Veneto zet ik hier voor je op een rijtje.

Verona by night

...lees verder "De 10 mooiste plekken in Veneto"