Spring naar inhoud

De 10 mooiste plekken in Veneto

Wandelen door uitgestrekte natuurgebieden, flaneren langs de oevers van het Gardameer en wijn proeven in de Valpolicella: in Veneto kan het allemaal. De regio is het meest bekend vanwege de hoofdstad Venetië, maar je kunt er ook andere prachtige steden bezoeken zoals Verona en Padova. Zelfs skiën behoort tot de mogelijkheden in de Dolomieten rondom Belluno. De 10 mooiste plekken van ‘mijn’ regio Veneto zet ik hier voor je op een rijtje.

Verona by night

1. Venetië en Chioggia

Als je het hebt over de tien mooiste plekken van Veneto, dan kun je niet om Venetië heen. Het beroemde San Marco-plein met uitzicht over de Adriatische zee, de San Marco-basiliek vol met schitterende gouden mozaïeken en de bekende Rialto-brug over het Canal Grande, het zijn allemaal toppers die je niet mag missen.

Winterzon in Venetië

Maar waar Venetië ook om bekend staat, is dat het er altijd zo ontzettend druk is. Zozeer dat de stad er vanaf deze zomer toe overgaat om alle dagjesmensen entreegeld te vragen. Deze kosten kun je ontlopen door een nacht in de stad te verblijven en dat is niet de enige reden om deze optie te overwegen. Rond een uurtje of vier gebeurt er namelijk iets magisch in Venetië. Waar je de hele dag hebt lopen dringen door de smalle straten, loopt de stad nu langzaam maar zeker leeg. In de vroege avond merk je ineens dat je helemaal alleen op een pleintje staat. Een verademing na alle drukte en chaos van overdag! Zo zie je Venetië pas echt zoals de inwoners haar kennen.

Heb je geen zin in al die drukte? Dan is een bezoek aan Chioggia een goed alternatief. Dit stadje ligt net als Venetië op een eiland in de Laguna Veneta. Het is een populaire vakantiebestemming voor Italianen vanwege de charmante bruggetjes over de kanalen en de kleurrijke straatjes. Chioggia wordt niet voor niets ‘klein Venetië’ genoemd. Bijkomend voordeel is dat het strand van Sottomarina in de buurt is. Een kwartier lopen en je kunt op je handdoekje gaan liggen. Heerlijk!

Het Canal Vena in Chioggia (c) Wikimedia Commons, Didier Descouens

2. Verona

Verona is mijn eigen stad, dus misschien ben ik bevooroordeeld, maar voor mij is Verona de mooiste stad van heel Noord-Italië. Een gedurfde claim, maar als je met een heerlijke Aperol-Spritz in de zon op het Piazza delle Erbe zit en je kijkt naar de prachtig beschilderde middeleeuwse huizen waar de gestreepte Torre dei Lamberti bovenuit torent, dan kun je denk ik niet anders dan het met me eens zijn.

Verona gezien vanuit het Romeinse theater

Daarbij heeft Verona voor elk wat wils. De kunstliefhebbers kunnen terecht bij het museum van Castelvecchio of mijn favoriet, de monumentale graven van de middeleeuwse heersersfamilie Della Scala: de Arche Scaligere. Ook liefhebbers van architectuur komen niets tekort. De San Zeno-kerk is een van de mooiste voorbeelden van romaanse architectuur in heel Italië en de indrukwekkende Romeinse Arena is nog in zo’n goede staat dat er elke zomer het wereldberoemde operafestival wordt georganiseerd.

Ook voor natuurliefhebbers heeft Verona veel te bieden. De siertuin Giardino Giusti wordt beschouwd als een van de mooiste renaissancetuinen van heel Europa. Deze groene oase ligt net buiten het centrum en biedt vanaf het hoogste punt een schitterend uitzicht over de stad. Daarbij kun je een mooie rondwandeling maken langs de oude stadsmuren door het stadspark Parco delle Mura. De afwisseling tussen de stadsmuren en het groen, het water van de rivier de Adige en de stenen stadspoorten, mij verveelt het nooit.

De Giardino Giusti in Verona

3. Lessinia en de Monte Baldo

Wie meer verlangt naar puur natuur, hoeft vanuit Verona ook niet ver te zoeken. Ten noorden van de stad zie je de heuvels al liggen die het begin vormen van een natuurgebied van meer dan 10.000 hectare: het regionale park Lessinia. Hier kun je prachtige bergwandelingen maken, lokale gerechten zoals de Monte Veronese-kaas eten bij de malga (berghut) en genieten van de mooie natuur. Ook kun je een bezoekje brengen aan het Parco delle Cascate in Molina, waar je omgeven wordt door frisse watervallen, stroompjes en groen. Een fijne plek om af te koelen op een hete dag.

Parco delle Cascate in Molina

Ook lekker fris is het op de Monte Baldo. Met een hoogte van 2218 meter is het Monte Baldo-massief tussen Verona en het Gardameer een van de hoogste gebieden van Lessinia. De top kun je gemakkelijk bereiken met de kabelbaan vanuit Malcesine, een dorpje aan de oostoever van het Gardameer. Dat is niet goedkoop (in het hoogseizoen kost een retourtje al gauw 22 euro), maar het uitzicht over het Gardameer is spectaculair en het wandelplezier of skiplezier in de winter is absoluut de moeite waard.

4. Het Gardameer: Lazise, Bardolino en Peschiera

Midden door het Gardameer loopt de scheidslijn tussen Lombardije en Veneto, waardoor bijna de hele oostkust van deze bekende vakantiebestemming tot de regio Veneto behoort. Aan de Veneto-kant van het Gardameer vind je veel leuke dorpen, die in het hoogseizoen razend populair zijn onder Nederlandse en Duitse toeristen. Denk bijvoorbeeld aan Peschiera del Garda, waar je niet alleen kunt flaneren over de boulevard, maar ook het indrukwekkende Venetiaanse fort kunt bewonderen dat sinds de 16e eeuw de zuidkant van het meer bewaakt.

Fietsen naar Peschiera

Mijn favoriete dorpen aan het Gardameer in Veneto zijn Bardolino en Lazise. Vanuit Verona zijn ze gemakkelijk te bereiken, zelfs op de fiets. In Lazise (als een echte Italiaan spreek je het uit als Laadziesuh) kun je eerst heerlijk wandelen door het middeleeuwse centrum en het kasteel en de oude stadsmuren bekijken, waarna je met een ijsje neer kunt ploffen op een bankje met schitterend uitzicht op het Gardameer. Ook zwemmen behoort tot de mogelijkheden, zowel in Bardolino als Lazise zijn meer dan genoeg grasvelden om je handdoekje uit te spreiden. Bardolino heeft dan weer als voordeel dat het in een bekend wijngebied ligt en het zelfs zijn naam heeft gegeven aan de Bardolino-wijn. De prachtige omgeving vol uitgestrekte wijnvelden en natuurlijk de vele cantine waar je verschillende Bardolino’s kunt proeven, maken het dorp tot een topbestemming.

Het uitzicht op het Gardameer vanuit Pai (fotocredits: Naomi)

5. Valeggio sul Mincio

Ben je op vakantie in Peschiera of in de mooie stad Mantua, dan moet je zeker ook een uitstapje maken naar Valeggio sul Mincio. Dit dorpje aan de rivier de Mincio is een van de mooiste plekken in de Veneto-regio dankzij de pittoreske huisjes aan de waterkant en de imposante middeleeuwse fortificaties. Zo vind je in de wijk Borghetto de nog volledig functionerende middeleeuwse brug, de Ponte Visconteo, en op een hoge heuvel net buiten de stad schittert het Castello Scaligero, dat in de 13e eeuw gebouwd is door de heersersfamilie Della Scala.

Castello Scaligero in Valeggio

Ook de moeite waard is het natuurpark Sigurtà, een soort Keukenhof, maar dan op z’n Italiaans. Je ziet misschien niet zulke uitgestrekte tulpenbedden als in Nederland, maar je hebt wel uitzicht op het Castello Scaligero midden door de rijen cipressen en bloeiende rozenhagen. Dat kunnen ze in Lisse dan weer niet zeggen. En ben je uitgewandeld, dan is het tijd voor een heerlijk bord tortellini, die in Valeggio zijn uitgevonden.

Sigurta

6. Padua

Padua (Padova in het Italiaans) ligt midden in de provincie Veneto, tussen Vicenza en Venetië. Kunstliefhebbers bezoeken deze stad in groten getale om de Scrovegni-kapel te bekijken. De beroemde Florentijnse schilder Giotto heeft de wanden en het plafond van dit kleine kerkje prachtig versierd met fresco’s die onder andere het leven van Jezus en Maria uitbeelden.

Padova - Torre dell'Orologio

Padua is ook een prachtige stad om doorheen te wandelen. Maak zeker even een rondje om het prachtige Palazzo della Ragione: het enorme middeleeuwse gemeentehuis van Padua. Het gebouw is zo groot dat het niet één maar twee marktpleinen naast zich heeft liggen, aan de ene kant Piazza delle Erbe en aan de andere kant Piazza dei Frutti. Een ander mooi plein is het Piazza dei Signori, waar je de klok kunt horen slaan vanuit de Torre dell’Orologio, dat nog steeds functioneert op een 15e eeuws mechanisme.

7. Falcade en de Dolomiti Bellunesi

Ook het Noorden van de regio Veneto mogen we niet vergeten, want daar vind je het nationale park van de Dolomiti Bellunesi dat door UNESCO is uitgeroepen tot werelderfgoed. Dit bergachtige gebied is zowel in de zomer als in de winter een geweldige bestemming. In de zomer kun je mooie bergwandelingen maken langs heldere stroompjes en door groene bossen en vlaktes. In de winter brengen de grillige bergtoppen veel skiplezier, onder andere in het immens populaire skigebied Cortina d’Ampezzo.

Wandelen in Falcade, net nep, toch? En zie je mij op het bruggetje?

Ben je op zoek naar wat meer rust, dan kun je ook het skigebied bij Falcade overwegen. In dit middelgrote gebied vind je allerlei soorten pistes, van blauw tot zwart, in een prachtig landschap. Je moet hier niet naartoe gaan voor de après-ski, maar om rustig te skiën en lekker te eten op de piste. Een uitstapje naar Canazei om een dagtocht over de Sella Ronda te maken behoort ook tot de mogelijkheden. Ook ‘s zomers is Falcade een goede bestemming voor wandelaars: vanaf camping Eden loop je zo de bergen in en kun je gaan genieten van puur natuur met nauwelijks andere toeristen, zelfs in augustus.

8. Valpolicella

De Valpolicella, wat een prachtig gebied is dat toch. De uitgestrekte wijngaarden, de schattige dorpjes met op elke heuvel een eigen kerktoren en de beste wijn van heel de Veneto-regio. Dat is bewezen. Of nou, eigenlijk niet, maar vraag een willekeurige inwoner van Verona naar de beste wijn van Veneto en het antwoord is 99% zeker: Valpolicella.

Midden in de wijngaarden van de Valpolicella

Men zegt dat de naam Valpolicella afgeleid is van de vele wijnkelders (poli cella) die er te vinden waren, maar dat lijkt een mythe te zijn. Waarschijnlijker is het dat de naam een verkorting is van het Latijnse vallis pulicellae, wat ‘vallei van de zandafzettingen’ zou moeten betekenen: een verwijzing naar de vele heuvels en riviertjes door het gebied. Hoe het ook zij, in de Valpolicella zijn inmiddels wel vele wijnkelders te vinden, waar de donkerrode Valpolicella Classico, Superiore, Ripasso en de beroemde Amarone gemaakt worden. Ook de dessertwijn Recioto geniet een grote populariteit in de regio.

9. Montagnana

Montagnana is een van de officiële ‘Borghi più belli d’Italia’, oftewel een van de mooiste dorpjes van Italië. En terecht, want het dorp heeft een van de best bewaarde middeleeuwse stadsmuren van Europa. Als je de oude brug over de brede, tegenwoordig lege slotgracht oversteekt, voel je je even helemaal terug in de tijd. Schattige straatjes afgewisseld met imponerende middeleeuwse torens en heerlijke lokale specialiteiten: een dagje Montagnana is puur genieten.

De stadsmuren van Montagnana (c) Wikimedia Commons, Zavijavah

Wat je in Montagnana zeker moet proberen is de prosciutto crudo, smakelijke rauwe ham uit de regio. Deze wordt vaak geserveerd als antipasto, al dan niet in combinatie met de lokaal geproduceerde zoete meloen uit Montagnana. Heb je genoten van dit voorgerecht? Dan zou je als hoofdgerecht ook eens bigoli moeten proberen, dikke spaghetti gemaakt met ei die typisch zijn voor de Veneto-regio. Deze pasta is heerlijk met allerlei soorten saus, van eenden- of ezelragout tot tomatensaus. Probeer het uit bij Ristorante Le Mura met uitzicht op de stadsmuur of bij Hosteria La Rocca naast de middeleeuwse toegangspoort.

Prosciutto Crudo in Montagnana

10. Colli Euganei

Als laatste wil ik nog een plek in Veneto noemen waar ik zelf nog nooit ben geweest, maar waar ik wel heel graag een keer heen zou willen. Een mens moet blijven dromen, niet? De Colli Euganei (Euganische heuvels) is een heuvelgroep met vulkanische oorsprong ten zuidwesten van Padua. Sinds 1989 is dit gebied een regionaal park dat 81 heuvels omvat die abrupt oprijzen uit het vlakke landschap waar het zuiden van de Veneto-regio bekend om staat.

Arqua Petrarca in de Colli Euganei (c) Wikimedia Commons, Alain Rouiller

In de Colli Euganei ligt het dorpje Arquà, ook een van de officiële ‘mooiste dorpjes van Italië’, dat tegenwoordig Arquà Petrarca genoemd wordt, naar de beroemde Italiaanse schrijver die er de laatste jaren van zijn leven doorbracht. Je kunt hier ook Petrarca’s huis bezoeken, waarin tegenwoordig een klein museum aan hem gewijd is. Verder bieden de Colli Euganei verschillende wandel- en fietsroutes over de groene heuvels en langs pittoreske dorpjes. Allemaal goede redenen om deze plek op mijn verlanglijst te zetten.

Deze blog heb ik eerder gepubliceerd op ditisitalie.nl, het online Italië-magazine met Italiënieuws, leuke verhalen, wetenswaardigheden, tips, recepten, campings, vakantiehuisjes, reizen en van alles meer over Italië.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *